Rb: bij detentie ouders zonder kinderen rekening houden met belang kind

Eisers hebben op 17 december 2025 de negatieve uitspraak ontvangen in het hoger beroep tegen de afgewezen asielaanvragen. De jongste zoon van eisers schrok hiervan, waarna zijn oudere broer hem meenam om te logeren bij een vriend. Op 18 december 2025 heeft de vreemdelingenpolitie (AVIM) eisers om 6:22 uur staandegehouden op het asielzoekerscentrum in Nijmegen. Aangezien de kinderen – vermoedelijk – nog steeds bij vrienden waren, zijn zij niet staandegehouden. Eisers hebben gedurende hun inbewaringstelling geen contact kunnen krijgen met hun kinderen en weten niet waar zij precies verblijven. De kinderen zijn niet in bewaring gesteld.

De vlucht naar Egypte was voor het gehele gezin gepland op 29 december 2025. De vluchten van de kinderen zijn op het laatste moment geannuleerd, omdat de AVIM niet kon achterhalen waar de kinderen zijn. De minister heeft intern besproken wat de mogelijkheden zijn om het gezin gescheiden uit te zetten. Daarvoor is akkoord gegeven omdat het vermoeden bestaat dat de kinderen zich niet melden bij de minister om zo de geplande uitzetting te belemmeren. De uitzetting van de ouders op 29 december 2025 bleef daarom gepland staan. Eisers hebben echter op het laatste moment een opvolgende asielaanvragen ingediend waardoor de uitzetting geen doorgang vond. Gelet op de nieuw ingediende feiten zag de minister geen aanleiding om de asielaanvragen op Schiphol te behandelen.

De rechtbank stelt voorop dat het opleggen van een vrijheidsontnemende maatregel een ingrijpende maatregel is, die slechts mag worden toegepast indien is voldaan aan de vereisten van noodzakelijkheid, proportionaliteit en subsidiariteit. Dit brengt mee dat de minister steeds moet beoordelen of met een lichter middel kan worden volstaan. … Naar het oordeel van de rechtbank heeft de minister de belangen van de kinderen onvoldoende meegewogen in de afweging om af te zien van de oplegging van de maatregelen van bewaring. …. Hierbij is mede van belang dat eisers zich altijd aan hun meldplicht hebben gehouden. Dit is door de minister op de zitting ook erkend. Bovendien heeft de minister geprobeerd om eisers gescheiden van hun kinderen uit te zetten naar Egypte. Daarmee heeft de minister het risico genomen dat mogelijk een langdurige scheiding van het gezin zou ontstaan. Onder deze omstandigheden had het op de weg van de minister gelegen om een lichter middel op te leggen.

De rechtbank volgt de minister ook niet in het standpunt dat eisers, dan wel hun kinderen, bewust hebben geprobeerd de uitzetting te belemmeren. … Ook het gegeven dat eisers een asielaanvraag hebben ingediend, maakt dit niet anders. Op de zitting werd immers duidelijk dat eisers een opvolgende aanvraag hebben ingediend omdat zij nieuwe feiten willen inbrengen en niet om de terugkeer te willen frustreren.

Rb Arnhem NL25.62396 en NL25.62395, 31.12.25
https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2025:25709